Broeders in Christus

Broeders in Christus – Een onbekend soort relatie voor mij
Er kunnen veel definities van het woord "broer" of "broeder" in het woordenboek worden gevonden. Het woord kan betrekking hebben op een man met dezelfde ouders. Het kan ook een hechte vriend of kameraad zijn, of iemand met gemeenschappelijke interesses. Op de een of andere manier hebben we allemaal broers. De ene definitie die het woordenboek vaak vergeet is die van een ware broer in Christus. Hij is iemand die je kunt vertrouwen en bij wie jij je veilig kunt voelen; iemand aan wie je verantwoording kunt afleggen omdat er respect, integriteit en eerlijkheid is. Een ware broer zal altijd tekortkomingen en moeilijkheden hebben, maar hij staat altijd naast ons en helpt ons om vooruit te kijken en een betere situatie te bereiken, vooral wanneer we het moeilijk hebben. Ik heb mannen gekend die aan al deze definities voldeden en zij hebben allemaal een grote invloed op mijn leven gehad. En ieder van hen deed dat op zijn eigen manier op een cruciale wijze.

Vaders hebben eveneens een enorme invloed op ons, of het nu positief of negatief is. Zij leren ons een groot aantal dingen, zoals het oplossen van problemen, het bijleggen van conflicten en het afleggen van verantwoordelijkheid. In het geval van mijn eigen vader kreeg ik deze gelegenheid niet, omdat er al vroeg in mijn leven een tragedie plaatsvond. Toen ik pas anderhalf jaar oud was kwam mijn vader om het leven door een ongeluk op de werkplek. Een betonnen deur van 116 ton viel op hem toen hij aan een grote silo werkte. Ook al was ik te jong om de gebeurtenis te begrijpen, toch liet de afwezigheid van mijn vader een gapend gat in mijn hart; een gat dat ik jarenlang zou voelen. In de veertig jaar die erop volgden kon ik zijn dood maar niet verwerken. Ik snapte niet hoe ik zo kon rouwen om een man die ik nooit had gekend.

Broeders in Christus – De invloed van biologische broers
Ik had twee oudere broers in mijn gezin. Mijn oudste broer James nam al snel de rol van mijn vader over in het vacuüm dat na zijn dood was ontstaan, ook al was hij zelf slechts een jongen. James lette goed op zijn jongere broertjes en beschermde hen. Hij was vijf jaar ouder dan ik en ik werd zijn schaduw. Hij kweekte veel karaktereigenschappen in mij die ik door mijn leven heen met me heb meegedragen. Mijn broer was mijn held en ik zag hem als mijn kompas in het leven. Hij was een geboren leider en ik wilde altijd net zoals hem zijn.

Mijn moeder hertrouwde toen ik vierenhalf jaar oud was. Mijn stiefvader had drie dochters uit een vorig huwelijk, en daarom kregen we de bijnaam "The Brady Bunch". Ik ontwikkelde nooit een goede band met mijn stiefvader. Hij wilde de vaderlijke rol niet op zich nemen, omdat mijn broer het prima deed. Zonder dat hij het zelf in de gaten had gaf hij zijn gezag op. Hij zorgde er altijd voor dat er eerst in zijn behoeften werd voorzien, dan pas in de behoeften van anderen. Mijn moeders familie wees hem af omdat hij weinig integriteit en ambitie had en niet om ons gaf. Er bestond een enorme hoeveelheid onuitgesproken vijandigheid in ons gezin.

Toen ik twaalf jaar oud was ging ik naar een kamp van de kerk waar ik Christus als mijn Redder aannam. Ik ervoer geen flitsen of rillingen, maar alleen een diep begrip dat ik nu een kind van God was. Die diepgewortelde wetenschap van Gods genade zou me door vele moeilijkheden heen helpen. Ook al wist ik dat God van me hield, toch had ik niemand die schouder aan schouder naast mij stond als een vriend, als een mentor of als een broer in Christus om mij te onderwijzen en mij de wegen van de Heer te laten zien. Ik viel dus al snel ten prooi aan wat de wereld mij te bieden had.

Mijn oudste broer was vijf jaar ouder dan ik en hij haalde zijn middelbare schooldiploma toen ik pas 13 was, een kwetsbare leeftijd. Hij verliet het huis om naar de universiteit te gaan. De ochtend waarop hij vertrok bracht mij een zware klap toe. Niet alleen werd ik door mijn broer verlaten, maar ook door mijn grote voorbeeld. Het was alsof mijn vader opnieuw stierf, alleen ging het dit keer ook om mijn beste vriend. Toen hij die dag de oprijlaan afreed had ik het gevoel dat mijn wereld als jongen eindigde. Onze relatie zou nooit meer hetzelfde zijn. Ik wist dat hij aan zijn eigen leven moest gaan werken, maar ik voelde me toch eenzaam en verlaten, vooral nu ik op het punt stond om de woelige tienerjaren in te duiken. Het was een cruciale tijd in mijn leven. Het voelde als een sprong in het diepe, omdat er niemand meer was die mij kon tonen hoe ik een man kon worden. Er was niemand om verantwoording aan af te leggen en ik had moeite om mijn eigen identiteit te ontdekken. Vanwege het verdriet dat het verlies van eerst mijn vader en toen mijn broer had veroorzaakt, leerde ik al snel hoe ik mezelf kon beschermen door alleen te zijn en muren op te werpen.

Door het verlies van deze belangrijke mensen stond ik in de daaropvolgende jaren nooit toe dat iemand mij echt leerde kennen. Ik had geen vrienden die ik als een broer kon beschouwen. Ik worstelde met het hele idee van een God en ik had er moeite mee om op Hem te vertrouwen. Was het echt waar wat God in Hebreeën 13:5 zei: “Nooit zal ik u afvallen, nooit zal ik u verlaten"? De twee belangrijkste mannen in mijn leven hadden mij verlaten. Zou God mij ook verlaten?

Broeders in Christus – Een negatieve invloed van een broer
Toen ik 14 was maakte ik door toedoen van mijn opstandige broer Jake voor het eerst kennis met het roken van wiet. Na een knallende ruzie met onze ouders was hij op wraak uit. Ik was het doelwit. Ik verloor mijn onschuld. Ik rookte het niet erg vaak omdat ik toch nog zekere grenzen stelde. Al leek het alsof ik mijn leven niet meer in de hand had, toch waren er grenzen die ik niet zou overschrijden omdat ik wist dat dit verwoestende gevolgen zou hebben. Ik zag hoe de "vrienden" van mijn broer hun levens met harddrugs verwoestten en dat beangstigde mij genoeg om er vanaf te blijven.

Ik maakte ook al snel kennis met de smaak van mijn broers zelfgestookte drank, dus alcohol werd al snel mijn favoriete pijnstiller. Halverwege mijn middelbare schooltijd was ik helemaal klaar voor meer actie, vooral toen ik mijn rijbewijs kreeg (wat hier in Amerika op 16-jarige leeftijd kan). Om mijn eigen pijn te verhullen was ik altijd de clown op elk feest, maar ik was nog steeds alleen en de muren die ik om mij heen had opgebouwd werden alleen maar hoger. Alle leraren vroegen zich af wat er met me aan de hand was en waarom ik niet net als mijn broer James was. Ik was niet meer zijn schaduw. Ik moest het nu in mijn eentje zien te doen.

Ik herinner me hoe ik het in mijn ziel naar mijn ouders, of naar wie dan ook, uitschreeuwde; ik wilde dat iemand mij liet zien dat er van me gehouden werd. Het werkte niet. Met uitzondering van mijn oudere broer hielden al mijn broers en zussen en mijn ouders te bezig met de grotere problemen in het leven: een zwangerschap, school niet afmaken, van huis weglopen. In vergelijking hiermee leken mijn problemen niet zo erg. Onze gezinssituatie was helemaal uit de hand gelopen.

Ik voelde me stuurloos en werd tijdens mijn tienerjaren volledig genegeerd. Aan de buitenkant leek ik stil en toeschietelijk, maar aan de binnenkant werd ik beheerst door woede. Af en toe ging ik met mijn oom en tante naar de kerk, omdat ik wist dat ik naar God moest terugkeren. Maar het leek een onvriendelijke en levenloze vorm van "Kerkendom" te zijn. Het was wet na wet, regel na regel. Ben een goed mens, maak God gelukkig. Wat dat ook mag betekenen. Ik kon zo niet leven. Ik herinner me dat ik dacht dat het beter was om gewoon te blijven feesten en te blijven leven zoals ik gewoon was dan om in een dergelijke stijve levenloze godsdienst te leven. Ik wilde leven, Gods leven, maar ik wist niet hoe ik dat kon bereiken. Er bevond zich een stille en kalme plek in mijn hart. Ik wist dat God deze plek gemaakt had en dat Hij mij daar graag wilde ontmoeten. Ik verlangde hevig naar een broeder in Christus, iemand die ik kon vertrouwen en bij wie ik me veilig zou voelen, iemand die altijd naast me zou staan. Ik zou daar alles voor hebben opgegeven. De wereldse wegen die ik volgde betekenden niets voor me. Zij waren slechts een zalf op mijn diepe wonden.

Ik had altijd al moeilijke vragen over het leven gesteld, maar ik had er nooit antwoorden op gekregen. De kerk was bang voor mijn vragen. Ze bleven me vertellen dat ik maar gewoon moest geloven en dat dat voldoende was. Ik bleef maar vragen waarom ik dan zou moeten geloven. Voor mijn gevoel zouden de antwoorden mij naar een dieper begrip van Zijn persoonlijke liefde kunnen leiden.

Lees nu deel 2 van "Broeders in Christus"!

Dit is het waargebeurde levensverhaal van John Barker.


WAT DENK JIJ? - Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: "Jezus is Heer", dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

Wat is jouw antwoord?

Ja, vandaag heb ik besloten om Jezus te volgen

Ja, ik ben al een volgeling van Jezus

Ik heb nog steeds vragen